Over champagne

Westelijke Marne vallei

De wijngaarden in de westelijke Marne-vallei en in de vallei van de Surmelin, een zijrivier van de Marne, beiden in het zuiden van de Aisne (Hauts de France) behoren sinds 1908 tot de appellatie ‘champagne’. Samen zijn ze de ‘Poort tot de Champagne’.
Sinds 855 is er trouwens al sprake van wijnstokken, op het land van de abdij van Chézy-sur-Marne en vanaf 1090 in de abdij van Augustine de Saint-Ferréol in Essomes-sur-Marne.

Zelfstandige wijnboeren

De druivensoort in dit deel van de Marne-vallei is 70% Meunier, 15% Chardonnay en 15% Pinot Noir.
Het gaat om 3.420 hectare, goed voor 10% van de Champagne-benaming, meer dan 39 wijnbouwgemeenten en 560 exploitanten, waarvan om en bij de 200 ‘recoltants manipulants’, zelfstandige wijnbouwers die alleen met eigen sap instaan voor het hele proces.
Champagne wordt ook geproduceerd door négociants manipulants, coöperatieven, négociants distributeurs (zoals de grote huizen).

Vallées en Champagnes, 3 dorpen, Saint Agnan, La Chapelle-Monthodon en Baulne-en-Brie, gelegen in 3 valleien, heeft 240 ha wijngaarden, waaronder 28 ha Chardonnay, 181 ha Meunier en 31 ha Pinot Noir, en 65 wijnbouwers.

7 druivensoorten

De Champagne-druivensoorten bestaan vooral uit 3 gekende druivensoorten (99,7%): Chardonnay, Pinot Noir en Meunier. Deze laatste twee hebben een zwarte pel, die het ‘blanc de noirs’ maakt, en die ook worden gebruikt om rode wijn (coteaux) van te maken.
Er zijn echter ook 4 oudere rassen (0,3%) toegestaan: Pinot Blanc, Pinot Gris, Arbane en Petit Meslier.

Vinificatie

Na de keuze van het terroir (de plek en de bodem) volgen dagelijkse werkzaamheden van grond, snoei- en bindwerk. Aan het einde van de zomer – zodra de druiven een ideale rijpheid hebben – oogst de wijnbouwer de druiven met de hand, om de beste te selecteren en om met de intacte druiven na het persen zuiver witte sap over te houden. 4000 kg druiven leveren bij persing 2500l sap op. De rebèche, het sap van de laatste persing, wordt overigens tot ‘Fine de la Marne’ gedestilleerd.
Door de natuurlijke gisten in de most fermenteert het druivensap tot ‘vin clair’. De suiker wordt omgezet in alcohol en er wordt kooldioxide vrijgegeven. De wijnen van het jaar worden vaak met reservewijnen gemengd voordat ze worden gebotteld. Voor millisimés wordt de wijn van het zelfde jaar gebruikt.

Champagnes

De rijping van de wijnen op hun gistingsmoer, duurt minstens 15 maanden, waarna de ‘dégorgement’ van de afzetting plaatsvindt. Tegelijkertijd voegt de wijnboer (of niet) likeur toe voor een tweede gisting in de fles en om zo de mousserende wijn extra brut of natuur (geen likeur), brut (weinig likeur) te maken. halfdroog tot droog (meer likeur). Aan het eind worden de flessen gekurkt, gemuilkorfd, gewassen en aangekleed (etiketten).
Rosé is een mengsel van rode wijn met champagne. De nieuwe Rosé de Saignée wordt gemaakt door een intensievere druk van de zwarte druiven waardoor een meer rood (roze) sap ontstaat.

Ook een authentiek platteland

De omgeving is gevarieerd: zachte heuvels, met akkers, weiden, wijngaarden, valleien en bossen. De ondergrond bestaat grotendeels uit krijt, mergel en kalksteen.
Calciet (fossiel) is door zijn porositeit een heus waterreservoir (300l/m3) voor de wijnstok. De kracht die ze moeten gebruiken om het water op te nemen, bevordert het evenwicht tussen de zuren van het fruit, de suiker en de voorlopers van aroma’s.